Ik mag graag in de huid van een ander kruipen. Aan de mogelijke psychologische implicaties daarvan waag ik me niet, ik doe er simpelweg mijn voordeel mee. Geef me de hoofdlijnen en ik zorg dat er een aansprekend stukje komt. Namens iemand anders dus.
Hoe dat gaat? Soms krijg ik van een beleidsmedewerker of communicatieadviseur een puntsgewijze kladversie toegestuurd, met daarin actuele ontwikkelingen en de opinie van de bestuursvoorzitter/ gedeputeerde/ afdelingschef daarover. Meestal is dat inderdaad voldoende.
Soms spreek ik mijn ‘alter ego’ kort per telefoon. Nog beter. Als ik diens stem en woordkeus heb gehoord, helpt dat namelijk om de juiste toon en de juiste beeldspraak te vinden.
Dan alleen de pointe nog. Als het goed is, vloeit die naadloos voort uit het voorafgaande. Soms kost het meer moeite. Dan is het tijd voor een frisse neus. Mijn vaste rondje: langs de kerk, de begraafplaats, het RIVM en de ijsbaan. Ruim een kwartier, als ik doorstap. Werkt altijd.

